lisaweeda1989 [at] gmail.com
Install Theme
Laten we geen doekjes om de liefde winden.

Op de steiger van de Bemuurde Weerd proberen we zeven wenslantaarns op te laten stijgen. Rachel en Mariko maken foto’s, terwijl een sigaret op hun lippen bungelt. Ruben, Chiel en ik trekken de lange hoekige vorm van het recyclebare papier recht, staan op onze tenen, met onze armen strak gestrekt. Alsof dat helpt, alsof de ruimte dan sneller volloopt, de hemel dichterbij is, terwijl deze al om ons heen bestaat. Saskia houdt haar aansteker tegen een ontvlambare vierkanten doek, die in het gat aan de onderkant gespannen zit. ‘Godverdomme wat duurt dit lang.’
Deborah gaat door haar knieën naast haar oude geliefde en duwt ook haar aansteker tegen het vierkantje aan. In je eentje wensen werkt blijkbaar niet: de twee vorige exemplaren scheurden of hadden al een gat bij het uitpakken. Vanaf de kade waar een rij voor discotheek de EKKO staat, roept iemand of we de stad niet in brand willen steken. Een ander roept: ‘Dat schiet niet erg op he?’`
We lachen, schreeuwen terug dat hij zijn bek moet houden en juichen wanneer de derde rode lantaarn dan toch eindelijk opstijgt. Het water is stil, draagt geen commentaar met zich mee. Ik hoor niemand klappen, niemand roepen, niets. Met onze blik op de rode gloed gericht volgen we de langwerpige zwevende zak, die nipt een boom mist en dan, met de wind mee, over een rij statige huizen uit ons zicht verdwijnt. Van de zenuwen ben ik vergeten een wens te doen. 

'Jullie weten wat ik wens', zegt Saskia, die vandaag 25 geworden is. Ze trekt de vierde lantaarn uit de verpakking en gebied ons het ding vast te houden. Elk jaar iets resoluter. Na lang in de lucht duwen en met de wind mee draaien stijgt de ballon op. Een voor een beginnen we harder te schreeuwen, alsof we naar de finale van het wereldkampioenschap voetbal aan het kijken zijn. 
'Links. Links, nee! Oehhh.' 
Het rode licht blijft in een boom hangen, maakt zich los om iets verderop opnieuw verstrikt te raken. Een tijd lang kijken we met onze handen in onze zij naar het tafereel: een mens dat door een menigte heen drukkend de andere kant op wil, een dier dat zonder kudde kan, een meisje dat wil maar niet weet waar te gaan of beginnen.
'Nou, dan weet iedereen weer waar ik aan toe ben', grapt Saskia en pakt haar tas cadeaus uit van de steiger. Erin zitten boeken, die ze van ons gekregen heeft, een poster waar haar collega's en ook het meisje op staan. Het meisje waarvoor die ballon de lucht in moest zeilen. Ik geef haar een bundel gedichten die ik vind passen bij hoe oud, eerlijk en ongenuanceerd ze geworden is. In de titel staat het woord 'eerste', zodat het lijkt of je daadwerkelijk altijd opnieuw beginnen kunt. In een van de poëzieteksten blijf ik hangen, wanneer ik beslis ik of het aan haar wil geven.

HEMEL

Kijk ik kan je niet de hele tijd
met rubber handschoenen aan
naar een nestje gaan dragen
met een mes zo bot als schapenwol
tegen je ei aan blijven tikken
in de hoop dat je naar buiten komt
Er moeten ook meters gemaakt worden
Er moet ook in het 50-meterbad gezwommen worden
Ik bedoel ik bewonder ook het koolmeesje onder de tuintafel
en mensen die ontzettend goed kunnen skateboarden
maar ik kijk niet tegen hen op
dus je moet beter je best doen
Ik bedoel dat het charmant is als ik dronken ben
en Ja wat sta je nou hysterisch
iedere kaars in het haardvuur te doven
wil ik zeggen, niet
iedere rivier is de Styx
en je bent zo ontzettend vergeten
als je denkt dat je gelegen komt
maar je was zo verschrikkelijk sexy
dat ik de hemel
uit de hemel wilde tillen

'Ik gaf haar woorden die je niet in iemands mond kan stoppen', bedenk ik mij, wanneer ik op weg naar huis ben.

Niemand kust zoals in de film. Ook niet zoals in films, waar niet gekust wordt zoals het op het doek gebeurt. Het moment dat iemand op beeld, tijdens een druk feest of op een stille weg de hand van de ander pakt, komt amper voor tussen twee individuen die willekeurig tegen elkaar aan botsen. We staan meestal wat naast elkaar, kijken om beurten terug en weg. Het is het te weinig retourneren dat de tijd tussen mensen oprekt, we vergeten dat we ongeduldig mogen zijn. Misschien moeten we geen plotwendingen afwachten.

<3

I

op alles staat een wekker
hoe je ergens binnenstapt
welke wang je als eerst kust
wat het minste opvalt
waar je langs fietst als je weggaat
waaraan je het laatst denkt voor je in slaap valt

II

voor de spiegel druk je pasta op je tandenborstel
trekt al poetsend schoenen aan
kijkt de wijzer rond tot op tijd te laat is
gooit water over jukbeenderen
draait de kamerdeur op slot

III

met een slot trek je je fiets en de gracht samen
drukt je bij de deur door mensen heen
bestelt door te wuiven ook meteen een bier
heft je glas naar gezichten die je het liefste ziet

IV

het wasmiddel van het meisje ruikt zacht
binnen drie minuten weet je dat ze musicalster wilde worden en geen psychologe
ze liever wielrent dan tennist
verder vraagt ze zeker vier keer wat je dromen zijn
en onthoud jij niet hoe ze heet

V

de gracht lijkt samengesmolten met het ijzer van je frame
het meisje zonder naam drukt haar vingers om je koten
'je moet een beetje aan het leven sjorren' zegt ze
bij het naar huis gaan rijd je met haar op en om
laat haar je zelfde wang twee keer kussen

VI

met een stift in je handen playback je thuis halfdronken teksten
telt wensen op die zij vast dromen noemt
zegt ze hardop als je voor de spiegel spul op je gezicht smeert
eenmaal in bed bedenk je je dat een psycholoog moet kunnen zingen
en trekt het shirt uit dat bijna zachter ruikt dan zij

Corinne Bailey Rae

—Are You Here

Lieve Corinne, kom nu met dat nieuwe album alsjeblieft. <3

als een meisje voor je zingt
weet je hoe laat het is
ze is gestopt te mijmeren en zegt
hier is het dan
trek je mijn woorden aan
als de tweede sok van het paar dat tijden eenzaam rondzwierf

haar noten tekenen je dagen
buiten hangt men lachend uit kozijnen
de zon blijft langer aan de avondhemel staan
je bed maakt plaats voor extra uren minder slaap

alsof wie aangezongen wordt
niets anders nodig heeft
dan een stem die van kleur verandert

 ©

©

Showerthoughts

Op bezoek bij mevrouw Pauw

“Neem nog wat. Een koekje of, hier, een stuk chocolade. Wil je nog wat drinken? Ik heb fris, appelsap, water, wiener melange.”
Sasha Temnikowa of ‘Oma Pauw’, zoals ik, mijn neven, nichten en achterneven- en nichten haar van kinds af aan noemen, staat op uit haar grote grijze stoel en strijkt haar bloemenblouse recht. Daar houdt ze van, blouses met een opdruk: bloemen en patronen. Van donkerrood tot paars en blauw, zoals haar ogen zijn. Blauwer, als ze lacht. Ik loop haar achterna de keuken in. Het witte gordijn hangt voor het keukenraam. De kinderen van oma, mijn ooms en tantes, kijken er vaak ongeduldig naar als er visite komt. Nog altijd even nieuwsgierig als toen zij de jonge kinderen Pauw van de Kottenstraat waren. Vooral Sandra en Peter kan ik bijna voor me zien: met hun neuzen tegen het raam gedrukt. Oma scharrelt rond en zet de waterkoker aan. In opdracht van mijn moeder, die ik gewoon Marie noem, kocht ik die voor haar bij de Blokker.
“Niet te zwaar”, had Marie streng geïnstrueerd. “Er moet een liter in kunnen, meer ook niet.”
Ik kocht er ook een vogelhuis bij, dat ze in de tuin in de sering kon hangen, een verlaat verjaardagscadeau. Het huisje was wit met geel, het dak oranje met afbeeldingen van vogels er op. Bij de eerste stevige  windhoos waaide het ding eruit, maar dat gaf niets.
Voor tien euro maak je mevrouw Pauw gelukkig.

“Alles heb ik al”, zegt ze vaak.
Als haar kroost er niet op aandringt, koopt ze geen nieuwe spullen: “Ma, geef jezelf nou ook eens wat.”
Zodoende kwam er na enige tijd toch die nieuwe eettafel, een tapijt, lampje en sinds kort is er het cadeau van de kinderen: een nieuwe televisie. Zo hip, dat ik er jaloers op ben. Veel pixels en een groot beeld, dat niet telkens van kleur verschiet.
“Nu alleen nog internet”, zeg ik af en toe grappend tegen Marie. “Of een mobieltje. Misschien een DVD-speler.”
“Een mobieltje?” jakkert mijn moeder dan. “Daar gaat ze niet meer aan beginnen. En een computer ook niet. Ze heeft toch geen zin te leren hoe ze op play moet drukken, Lisa? Daarbij, ze doet genoeg. Lezen, tekenen, The Bold and the Beautiful kijken.”

image


Aan de wand die de keuken en de woonkamer gedeeltelijk scheidt, hangt een lijst met daarin een getekend werk van oma. Met stiften en potloden maakt zij bloemstukken, landschappen die op ansichten staan of in de krant. Soms is het een tekening van haar Oekraïense geboortedorp, Stanitsa Lugansk. Vaak is het een vogel op een takje of in een boom: een mus, lijster, merel. Ik houd die dieren ontiegelijk slecht uit elkaar, maar zie wel de kleuren; hoe ze kloppen.

De waterkoker slaat af. Met een eetlepel schep ik vier lepels Wiener Melange poeder in twee koppen, schenk het water erbij en vraag hoe het met het tekenen staat.
“Goed, goed”, knikt oma.
Ik vraag of ze binnenkort gaat exposeren. Ze giechelt een beetje en zegt dat het ook maar een hobby is. Niets serieus.
“De kleuren kloppen soms ook niet en het is priegelig”, zegt ze.
“Mag ik ze zien, heeft u nieuwe dingen gemaakt?”
Oma zet haar dampende kopje Wiener op een onderzetter op de eettafel en loopt naar de wandkast. Uit het één-na onderste laatje trekt ze een tekenblok. Boven de tafel valt er een uitgeknipte foto van een heuvel met daarop een huis uit.
“Daar ben ik nog mee bezig”, zegt ze en schuift het terug achterin het blok.
We bladeren door het album als de bel gaat. Terwijl oma de deur open drukt, ga ik met mijn vingers over de vellen papier. De deur gaat open en binnen stappen Marie en tante Sandra. ‘Liefste oom’ Peter belt met het bericht dat hij er aan komt. Oom Dolf is iets te laat. Tante Anna pakt de auto, en ook oom Nico schuift straks aan. De worst wordt gesneden. De kaas komt op tafel, net als de augurken en stukken komkommer. De Marakesh verschijnt, er wordt wijn ingeschonken voor de dames, de mannen en geliefden wagen zich aan het bier. Ik luister naar het gelach. Oma Pauw zie ik van plezier haar ogen dichtknijpen. Op mijn knieën voor de kast trek ik de lade open en leg het blok met tekeningen terug. Bij het opstaan bekijk ik een foto van haar zussen, met wie ze nog altijd belt en schrijft, die ze mist, als ik het niet verkeerd heb. Haar Jilles, jong en kerngezond, breed glimlachend op de sepia-afbeelding. En wijlen nicht Nathalie daarnaast, met haar o zo herkenbare krullen en een lach die net zo breed is. Alles hebben we, bedenk ik me, alles komt hier samen. Geen familielid dat hier niet thuis mag zijn.
Later lijst ik de tekening van haar geboortedorp in. Hang het aan een prominente muur in mijn huis, waar iedereen het zien kan. Ik blijf altijd over Sasha Temnikowa, onze Oma Pauw, vertellen.

Laatste schooljaar treedt bijna aan, nog niet alles heb ik af. Ik voel me bijna dagelijks als een skydivende kat die geen tiet begrijpt van waar &#8216;ie uithangt.

Laatste schooljaar treedt bijna aan, nog niet alles heb ik af. Ik voel me bijna dagelijks als een skydivende kat die geen tiet begrijpt van waar ‘ie uithangt.